Zaken die ertoe doen

Strijd om erkenning voor Q-koorts­slachtoffers

Tussen 2007 en 2010 werd Nederland getroffen door de grootste Q-koortsepidemie ter wereld. Duizenden mensen raakten besmet door een bacterie die door geiten werd verspreid. De gevolgen waren enorm: naar schatting 115 doden en duizenden ernstig zieken. Nog altijd ondervinden veel slachtoffers dagelijks de gevolgen van de besmetting. Wat er gebeurde en de impact op mens en maatschappij De Q-koortsuitbraak liet diepe sporen na. Veel slachtoffers kampen blijvend met ernstige vermoeidheid, concentratieproblemen en hartklachten. Werken of zelfs een normaal sociaal leven leiden is voor velen niet meer mogelijk. Ook gezinnen werden zwaar getroffen: partners werden mantelzorger, kinderen zagen hun ouders volledig uitgeput raken. Naast persoonlijk leed was er maatschappelijke onrust over de rol van de overheid: waarom duurde het zo lang voordat er werd ingegrepen? De belangen die op het spel staan De kern van deze zaak raakt aan vertrouwen in de overheid en de bescherming van de volksgezondheid. Slachtoffers vinden dat de Staat hen onvoldoende heeft beschermd en te laat maatregelen heeft genomen om de uitbraak te stoppen. De overheid beriep zich op beperkte kennis en beoordelingsvrijheid, maar de vraag is: wat wist de Staat destijds wél, en had sneller handelen duizenden besmettingen kunnen voorkomen? Voor wie Beer advocaten opkomt Beer advocaten vertegenwoordigt meer dan 250 Q-koortsslachtoffers die samen strijden voor erkenning en compensatie. Wij staan deze groep bij in hun hoger beroep tegen de Nederlandse Staat. Onze inzet is niet alleen juridisch, maar ook moreel: slachtoffers mogen niet nog een keer de dupe worden – ditmaal van een systeem dat zijn nalatigheid niet wil erkennen. De uitdaging: overheidsaansprakelijkheid De juridische uitdaging is groot. De overheid heeft namelijk een zekere vrijheid om besluiten te nemen op basis van de kennis die op dat moment beschikbaar is. De rechtbank Den Haag oordeelde eerder dan ook dat de Staat niet aansprakelijk is. Naar onze mening beschikte de Staat destijds al over voldoende informatie om sneller in te grijpen. Door dat niet te doen, heeft de Staat onrechtmatig gehandeld. Het plan van aanpak In het hoger beroep brengen wij zorgvuldig in kaart wat de overheid wist over de risico’s van Q-koorts en welke maatregelen wél mogelijk waren geweest. Wij bouwen het dossier stap voor stap op, met als doel het hof te overtuigen dat het oordeel van de rechtbank onjuist was. De zaak loopt nog – maar de inzet is helder Er is nog geen uitspraak in hoger beroep. Eerst moet worden vastgesteld dat de Staat aansprakelijk is. Pas daarna kunnen de individuele schadevergoedingen per slachtoffer worden beoordeeld. De verwachting is dat de procedure nog jaren zal duren, maar de vastberadenheid onder de slachtoffers is groot. Zoals Caroline van Kessel, voorzitter van Q-uestion, zei: “De uitspraak van de rechtbank was teleurstellend, maar we geven niet op. Het leven van Q-koortsslachtoffers is ingrijpend veranderd. Met Beer advocaten heb ik het gevoel dat we juridisch goed ondersteund worden en niet alleen staan in onze strijd om erkenning.” Waar het echt om draait Voor Beer advocaten is deze zaak meer dan een juridische strijd. Het

Massaschade door dumpen giftig afval

Wat is er gebeurd? In 2006 werd in opdracht van het oliebedrijf Trafigura een grote hoeveelheid giftig afval vanuit Amsterdam verscheept met het schip Probo Koala. Nadat verwerking in Nederland onmogelijk bleek, werd het afval naar Ivoorkust gebracht en illegaal gedumpt op open stortplaatsen in de stad Abidjan. Duizenden inwoners werden blootgesteld aan schadelijke dampen en chemische stoffen. De gevolgen waren ernstig: gezondheidsklachten, sterfgevallen en blijvende milieuschade. De impact op mens en milieu De ramp met de Probo Koala liet een spoor van verwoesting na. In de wijken rond Abidjan leden gezinnen aan misselijkheid, ademhalingsproblemen en chronische ziekten. Ook het milieu werd zwaar getroffen: bodem en grondwater raakten vervuild, waardoor landbouw en drinkwatervoorziening jarenlang zijn aangetast. Deze zaak toont pijnlijk aan hoe grensoverschrijdende milieuschade vooral kwetsbare gemeenschappen raakt, vaak ver buiten het zicht van de veroorzaker. De rol van Beer advocaten Beer advocaten staat de Stichting Victimes des Déchets Toxiques Côte d’Ivoire bij, die opkomt voor duizenden slachtoffers van de afvaldump. Wij voeren namens hen procedures in Nederland tegen Trafigura, om erkenning en compensatie af te dwingen. Onze betrokkenheid gaat verder dan juridische vertegenwoordiging: het gaat om het herstellen van vertrouwen in het recht. Want als een multinational elders schade veroorzaakt, mag dat niet onbestraft blijven. Juridische uitdagingen en strategie De zaak Probo Koala is juridisch complex. De feiten speelden zich deels in Nederland en deels in Ivoorkust af, wat vragen opriep over rechtsmacht en toepasselijk recht. In eerste instantie werd de Stichting in haar vorderingen niet-ontvankelijk verklaard. In 2020 besliste het Gerechtshof Amsterdam echter dat Trafigura wél in Nederland verantwoording moet afleggen. Het hof erkende dat de Nederlandse rechter bevoegd is om de claims van de slachtoffers te behandelen, een uitspraak die bij de Hoge Raad overeind bleef. Onze aanpak was stap voor stap: zorgvuldig onderbouwen dat Trafigura zich vanuit Nederland met het afvaltransport had bemoeid om vervolgens vast te laten stellen dat slachtoffers daardoor recht hadden op toegang tot de Nederlandse rechter. Belangen en betekenis De zaak raakt aan fundamentele waarden: mensenrechten, milieurecht en corporate responsibility. Beer advocaten behartigt in deze procedure niet alleen de belangen van de slachtoffers, maar ook het bredere belang dat bedrijven aansprakelijk worden gehouden voor milieuschade, ongeacht waar die zich voordoet. De uitspraak van het hof heeft betekenis voor toekomstige grensoverschrijdende milieuzaken. Zij bevestigt dat Nederland niet mag wegkijken wanneer vanuit hier beslissingen worden genomen die ergens anders grote schade veroorzaken. Wat deze zaak laat zien De Probo Koala-zaak laat zien dat massaschade niet altijd in eigen land plaatsvindt, maar dat rechtvaardigheid wel universeel moet gelden. Beer advocaten blijft zich inzetten voor gemeenschappen die de gevolgen van milieuschade ondervinden, waar ook ter wereld. Wil jij de veroorzakers van milieuschade aanpakken? Wil jij namens een collectief het recht inzetten om gedupeerden en hun leefomgeving te beschermen? Beer advocaten ondersteunt burgerinitiatieven, belangenorganisaties en ngo’s in hun strijd. Niet alleen juridisch, maar ook strategisch en organisatorisch. Heb je vragen over dit soort zaken, neem dan contact op met Bojan Dekker.

Ernstig letsel van meningokokken­infectie door vertraagde zorgverlening

Op 29 juli 2000 werd de toen éénjarige Valentina ernstig ziek. Haar moeder belde meerdere keren de huisartsenpost, maar werd telkens afgescheept door de assistent. Pas vier uur later mocht ze langskomen. Toen was het te laat: Valentina verkeerde in septische shock door een meningokokkeninfectie. Er volgden opnames, operaties en uiteindelijk een amputatie van haar linkerhand. Ook haar benen groeiden scheef door infecties in de groeischijven. Haar lichaam, leven en toekomst waren blijvend veranderd. Een complexe medische en juridische puzzel In 2012 kwam ik in beeld via een collega die met pensioen ging. De medische fout was erkend, maar het causaal verband werd nog betwist. Dankzij deskundigenonderzoek werd duidelijk dat Valentina ook zonder de vertraging restverschijnselen had gehad, maar in lichtere mate. Waarom aankloppen bij Beer advocaten? De zaak vroeg niet alleen om juridische kennis, maar ook om uithoudingsvermogen en begrip. Valentina zocht iemand die haar verhaal geloofde, haar mogelijkheden zag, en bleef strijden voor een passende regeling. Daarom klopte ze aan bij Beer advocaten. Meer dan een schadeclaim De schade is niet alleen lichamelijk of financieel. Valentina woont nu met haar partner in een woning die niet geschikt is voor een rolstoel. Ze heeft een Wajong-uitkering, en haar mobiliteit is ernstig beperkt. Zo tilt haar vriend haar de trap op en af, omdat ze zelf alleen op haar billen de trap op en af kan en daardoor ‘kapot’ is als ze eenmaal beneden of boven is. Toch heeft ze ondanks alle tegenslagen veel doorzettingsvermogen getoond. Ze is een bijzonder prettig en realistisch mens, die kleine dingen waardeert en de hoop op een toekomst als moeder niet heeft opgegeven. Luisterend oor Hoewel de zaak nog steeds loopt, is Valentina tevreden: “Mirella is al een aantal jaar mijn advocaat en een hele lieve en begripvolle vrouw. Voor mij is ze een luisterend oor geweest en heeft ze zich volledig ingezet voor de rechtszaak. Ik ben haar heel erg dankbaar voor de tijd en moeite die zij in de zaak heeft gestoken.” Heb je vragen over dit soort zaken, neem dan contact op met Mirella Hartman.

Verkeerde inschatting met fatale gevolgen

Een jeugdverpleegkundige adviseert een jonge moeder om alle contact met de vader van haar baby te verbreken. Binnen twee weken is de vader dood. Niet door geweld, maar door verdriet en verslaving. Wat begon als goedbedoelde jeugdzorg, eindigde in een onherstelbaar verlies. Een gezin zonder stem De vader had zijn leven net weer op de rit toen hij te horen kreeg dat hij zijn pasgeboren kind niet meer mocht zien. De jeugdverpleegkundige gaf dit dringende advies aan de moeder, zonder hoor en wederhoor toe te passen. Zij dreigde zelfs met uithuisplaatsing als de moeder de deur voor hem open zou doen. De vader, net clean, zakte weg in verdriet en gebruikte opnieuw. Twee weken later bleek hij overleden aan de gevolgen van een overdosis. Waarom de familie hulp zocht De grootouders van vaders kant waren nauw betrokken bij de zorg voor de baby. Ze begrepen niet waarom ze niet waren geïnformeerd, laat staan gehoord. Ze voelden zich buiten spel gezet. Ze wilden duidelijkheid. En erkenning. Onbevoegd én onzorgvuldig De jeugdverpleegkundige had niet de bevoegdheid om zulke verstrekkende adviezen te geven. Toch deed ze het. Zonder juridische grondslag, zonder hoor en wederhoor, zonder feitelijke controle. Wat haar handelen extra ernstig maakte, was dat ze medische informatie opvroeg én gebruikte zonder toestemming. Een groot deel daarvan bleek achteraf niet eens te kloppen. Hoe ik te werk ging Via een tuchtklacht bij het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg probeerde ik de situatie recht te zetten. Met toestemming van de familie kreeg ik op grond van de Wet BIG inzage in het medisch dossier. Daarin zag ik dat de jeugdverpleegkundige buiten haar boekje was gegaan. Ze baseerde haar adviezen op onvolledige en foutieve informatie. En gaf het gezin geen enkele kans om hun kant van het verhaal te vertellen. Hoe ik terugkijk op deze zaak Deze zaak heeft me diep geraakt. Als de vader was gehoord, serieus was genomen, dan was dit misschien nooit gebeurd. Als letselschadeadvocaat bij Beer Advocaten blijf ik me inzetten om dit soort fouten aan het licht te brengen. Want niemand zou slachtoffer mogen worden van een systeem dat bedoeld is om te beschermen. Heb je vragen over dit soort zaken, neem dan contact op met Mildred Brun.

Na het werk wél veilig thuiskomen

Na een lange werkdag in een Brabantse uitbeenderij stappen acht Roemeense arbeidsmigranten in een busje, op weg naar hun gedeelde woning in Duitsland. Het busje, eigendom van de werkgever, wordt bestuurd door een collega. Vermoedelijk door vermoeidheid raakt hij op de verkeerde weghelft en botst frontaal op een vrachtwagen. Vijf van hen komen om het leven, drie raken zwaargewond. Het verdriet dat blijft Ana overleeft het ongeluk, maar verliest haar verloofde Dorian. Ze raakt ernstig gewond, zowel lichamelijk als mentaal. Hun toekomstplannen – ze zouden trouwen – zijn in één klap verdwenen. Dorian sterft in haar armen. Elena en Florentin, Dorians ouders, verliezen hun dochter Gabriela en schoonzoon Horatiu. Ze zorgen nu voor hun kleinzoon Bela, die zijn beide ouders kwijtraakte. Claudiu, de vader van Horatiu, blijft achter met een gebroken hart. De impact op deze families is onvoorstelbaar. Waarom dit mij persoonlijk raakt Ik schrijf deze blog op de terugweg van Boekarest. De gesprekken met Ana, Elena, Florentin en Claudiu laten me niet los. De rauwe emoties, de enorme veerkracht van deze families en het verlies dat hen treft: het grijpt me aan. Ik schaam me voor de omstandigheden waaronder sommige mensen in Nederland moeten werken. Waarom zij juridische hulp zo hard nodig hebben Ana en de nabestaanden hebben hun dierbaren verloren en moeten nu vechten voor compensatie. In je eentje red je het niet in het complexe letselschadesysteem. Zeker niet als je te maken hebt met taalbarrières, rouw én financiële zorgen tegelijk. Daarom vroegen zij mij om hulp. Wie is aansprakelijk – en waarom dat duidelijk was In dit geval is de aansprakelijkheid helder. De bestuurder viel vermoedelijk in slaap na een lange werkdag. De schade van de inzittenden zal in zo’n geval moeten worden vergoed door de verzekeraar van het personenbusje, terwijl de werkgever verantwoordelijk kan worden gehouden van fouten van werknemers. Hoe ik dit heb aangepakt Mijn focus lag op het veiligstellen van alle rechten van de slachtoffers. Ik deed een beroep op meerdere (wettelijke) grondslagen: de schuldloze derdenregeling, de aansprakelijkheid van de werkgever voor fouten van personeel én het ontbreken van een deugdelijke verzekering. Elk slachtoffer en elke nabestaande heeft recht op een eigen benadering en berekening van schade. Daarvoor werk ik samen met medisch en financieel experts. Hoe ik terugkijk op deze zaak Ik heb bewondering voor de kracht van deze families. En frustratie over het systeem dat mensen in zulke kwetsbare omstandigheden brengt. Deze zaak herinnert me eraan waarom ik advocaat ben geworden: om te zorgen voor gerechtigheid. Heb je vragen over dit soort zaken, neem dan contact op met Bojan Dekker.

Hoe een jonge zeehond haar leven veranderde

Een huiler. Daar begon het allemaal mee. Oftewel, een jonge zeehond die moederziel alleen op het Bloemendaalse strand lag en een klaaglijk geluid maakte. Sylvia aarzelde geen moment en bleef bij het dier tot de reddingsbrigade en later de dierenambulance arriveerden. Toen zij daarna weer op haar handdoek ging zitten, ging het mis: de dierenambulance reed haar frontaal aan. Een medisch en juridisch ingewikkelde nasleep De aanrijding was zo ernstig dat Sylvia per helikopter naar het ziekenhuis is gebracht. Een langdurig en onzeker revalidatietraject volgde. Fysiek, mentaal en sociaal werd haar leven volledig op z’n kop gezet. Ze woont in een appartement op driehoog. Traplopen kon zij niet meer en dansen, haar grote passie, leek voorgoed verleden tijd. In eerste instantie verleende haar familie intensieve zorg en ondersteuning, maar ook dat kent grenzen. De inzet van een letselschadeadvocaat Ik ontmoette Sylvia in het revalidatiecentrum. Ze zat in het gips, maar haar blik was sterk en strijdvaardig. Ze wilde haar leven terug en schakelde Beer advocaten in. Niet alleen om haar schade vergoed te krijgen, maar ook om iemand naast zich te hebben die haar begreep en de juridische strijd voor haar kon voeren. Aansprakelijkheid vaststellen Op een strand rijden met een dienstvoertuig is niet standaard. De vraag was in hoeverre de medewerker van de dierenambulance civielrechtelijk en/of strafrechtelijk iets te verwijten viel. Dankzij getuigen, het proces-verbaal en reconstructies is vastgesteld dat de aansprakelijkheidsverzekeraar van de dierenambulance alle schade van Sylvia moest vergoeden. Praktische stappen voor herstel Vanaf het begin heb ik geprobeerd een spin in het web te zijn. De juiste professionals inschakelen, zorgen dat er voorschotten kwamen, zorgen dat een ergotherapeut werd vergoed en dat de woning aangepast kon worden. Ook huishoudelijke hulp, vervoer en psychische ondersteuning werden vergoed. Zo kon Sylvia zich richten op herstel, stap voor stap. Een indrukwekkende comeback Sylvia kan inmiddels weer genieten op haar eigen plek bij het strand en – wonder boven wonder – weer strandwandelingen maken én dansen. Ze vertelde mij dat haar wens om Beer advocaten in te willen schakelen voor haar vaststond als een huis. “Vanaf het begin tot het einde ben ik blij geweest met deze keuze. Met de inzet van Irene ben ik uiteindelijk tot een mooi resultaat gekomen.“ Heb je vragen over dit soort zaken, neem dan contact op met Irene Timmermans.

Oproepen

Wat ons bezighoudt

Awaab’s Law: wie is verantwoordelijk voor schimmel in huurwoningen?

In 2020 overleed in Engeland de tweejarige Awaab Ishak na langdurige blootstelling aan schimmel in de huurwoning van zijn ouders. De woningcorporatie wist dat er schimmelproblemen waren in de woning. Toch legde zij de schuld bij het gezin: dat zou onvoldoende ventileren en te veel douchen en koken. Na het overlijden van Awaab bleek dat de schimmelsporen uit de woning in zijn luchtwegen zaten. Zijn immuunsysteem reageerde met een chronische ontsteking, waarbij granulomen ontstonden in zijn luchtwegen (kleine ontstekingsknobbeltjes die ontstaan wanneer het immuunsysteem een schadelijke stof niet kan opruimen). Deze zwollen steeds verder op totdat hij uiteindelijk niet meer kon ademen. Awaad overleed aan acute ademhalingsnood, verstikking en uiteindelijk een hartstilstand. De zaak leidde in Engeland tot Awaab’s Law. Die wet verplicht verhuurders van sociale huurwoningen vocht- en schimmelproblemen binnen strikte termijnen op te lossen. Als dat niet kan, moet de verhuurder vervangende woonruimte aanbieden. Het overlijden van Awaab laat zien wat er kan gebeuren als schimmel in woningen niet serieus wordt genomen. Ook kinderartsen in Nederland geven aan regelmatig kinderen die opgroeien in vochtige en beschimmelde woningen te zien met chronische hoestklachten, luchtweginfecties en astma. Deze gezondheidsproblemen leiden vaak tot schoolverzuim en hebben een negatieve invloed op de ontwikkeling en onderwijskansen. Niemand wil met zijn kinderen in een beschimmelde woning wonen. Maar wat als er geen alternatieven zijn? Als er maar één slaapkamer is, verhuizen financieel onhaalbaar is en de woningcorporatie niet in actie komt? Dit komt veel voor en is een groot probleem. Nieuwsuur spreekt van een nationaal schimmelprobleem dat bij ongeveer 29% van de Nederlandse corporatiewoningen voorkomt. Een huurder staat niet met lege handen. Een woningcorporatie kan via het civiele recht aansprakelijk worden gesteld: wanneer meldingen en klachten over schimmel structureel zijn genegeerd; sprake is van een bouwkundig gebrek aan de woning (zoals een lekkage of slechte ventilatie); de verhuurder geen of onvoldoende actie heeft ondernomen en de problemen blijven bestaan; huurders hun best hebben gedaan om vocht te beperken; sprake is van gezondheidsschade.   Bij Beer advocaten zetten wij ons in voor bewoners die kampen met ernstige schimmelproblemen, gezondheidsklachten ontwikkelen en geen gehoor vinden bij hun verhuurder. Maak jij je zorgen over schimmel in je woning? Of over de gezondheid van jou of je kinderen? Neem dan contact met ons op voor advies en ondersteuning.

Een huis kopen na een ongeluk: waarom dat lastiger is dan het lijkt

Je leeftijdsgenoten kopen een eerste huis, trouwen, of schaffen meer ruimte aan voor de kinderen die eraan komen. Intussen sta jij stil. Niet omdat je dat wilt, maar omdat een verkeersongeval of een medische fout jouw leven op zijn kop heeft gezet. Dat stilstaand gevoel horen wij regelmatig van onze cliënten. En het raakt ons. Want achter het letselschadedossier gaat altijd een gewoon leven schuil — met wensen, plannen en dromen die ook gewoon doorlopen. Een eigen woning kopen is daar vaak een van. Hoe een uitkering je hypotheek in de weg kan zitten Wie volledig arbeidsongeschikt raakt door een ongeluk, belandt doorgaans in een IVA-uitkering. IVA staat voor Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten: een uitkering van 75% van je laatste loon, tot een wettelijk maximum. Dat heeft rechtstreekse gevolgen voor wat je kunt lenen. Banken baseren de maximale hypotheek op je inkomen. Iemand die vóór het ongeluk met een goed salaris een hypotheek van €400.000 kon krijgen, heeft met een IVA-uitkering aanzienlijk minder leenruimte. Een verschil van bijvoorbeeld een ton is in de huidige woningmarkt al snel het verschil tussen een geschikte woning en een die het gewoon niet wordt. Daarbij komen nog twee andere gevolgen die in letselschadeprocedures niet altijd de aandacht krijgen die ze verdienen. Door het ongeluk of de medische fout is iemand vaak jaren niet in staat geweest om te sparen. Eigen geld als aanvulling op de hypotheek is er simpelweg niet. En wie zonder ongeluk carrière had gemaakt, zou nu meer verdienen dan in het jaar van het ongeluk. Die loonontwikkeling telt niet mee in een inkomenstoets. Het zijn nevengevolgen van het ongeluk die op het eerste gezicht niet opvallen, maar die op de lange termijn grote praktische impact hebben. Wat we voor onze cliënten hebben kunnen regelen Letselschaderecht gaat in de kern over één principe: herstel naar de situatie vóór het ongeluk. Niet alleen financieel op papier, maar ook in het dagelijks leven. Wanneer iemand zonder ongeluk al een woning had gekocht, of dat in de komende jaren redelijkerwijs zou hebben gedaan, is dat verlies een onderdeel van de totale schade. Het hoort erbij. In meerdere zaken hebben wij aansprakelijke partijen bereid gevonden om een substantieel voorschot uit te betalen, zodat onze cliënt alsnog in staat was een woning te kopen. Zo’n voorschot, in juridisch taalgebruik een voorschot “onder algemene titel”, is een tussentijdse betaling op de nog te bepalen totale schadevergoeding. Het stelt iemand in staat om alvast te handelen, zonder dat de definitieve afwikkeling al rond hoeft te zijn. Het resultaat: een cliënt die weer een levensfase kon doorlopen die hun leeftijdsgenoten allang hadden bereikt. Klein in juridische termen. Groot in het echte leven. Twee aandachtspunten die je niet mag missen Een voorschot inzetten voor de aankoop van een woning brengt twee praktische risico’s mee die we onze cliënten altijd helder uitleggen. Geld dat vastzit in stenen, is geen vrij geld meer. Een voorschot op toekomstige kosten, bijvoorbeeld voor huishoudelijke hulp of medische zorg, is bij de aankoop van een woning niet langer

Hoe zit het nou met die (opgevoerde) fatbike?

Fatbikes, met die typische brede banden, zijn niet meer weg te denken uit het straatbeeld. Voor de een is het een statusverhogend vervoermiddel, of gewoon een relaxte stevige fiets. Voor de ander is het een schrikbeeld op de weg: een dreigende en snelle fiets waarbij een ongeluk in een klein hoekje lijkt te zitten. Ongevallen met vooral jongeren op fatbikes zijn vaak in het nieuws. Klopt dat gevoel van gevaar met de praktijk? Is een fatbike nou eigenlijk een fiets of een motorvoertuig? En hoe zit het juridisch als het misgaat? In deze blog schrijf ik meer over de positie van het slachtoffer. Dat kan zowel de bestuurder van de fatbike zijn, een andere aangereden verkeersdeelnemer, of nabestaanden van een omgekomen slachtoffer. Uit onderzoek blijkt… Eerst een paar feiten over dit breedgebande voertuig. In opdracht van het Ministerie I&W is in 2025 onderzoek gedaan door Mobycon. Daaruit blijkt dat: Fatbikes populair zijn onder jongeren, omdat een helm en rijbewijs niet verplicht zijn. Fatbikes goedkoop en vaak een statussymbool zijn. Het worden er steeds meer in het verkeer. Informatie afkomstig van de spoedeisende hulp afdelingen (SEH) van ziekenhuizen aantoont dat de aantallen gewonden bij fatbike-ongevallen sinds 2023 sterk stijgen. Jongeren op fatbikes vaker risicogedrag vertonen dan volwassenen en daarmee de kans op ongevallen toeneemt. Meer dan de helft van de fatbikegebruikers harder rijdt dan de toegestane 25 km/u. Dat 15% op een opgevoerde fiets blijkt te rijden. Bij slachtoffers die een ongeval krijgen met een fatbike vaak hersenletsel voorkomt.   Ongeluk met een fatbike, wie is aansprakelijk? Rijden op een fatbike mag op iedere leeftijd en zonder helm, omdat het volgens de wet gelijk staat aan een elektrische fiets. Een fatbike heeft standaard niet meer vermogen dan 250 watt en een trapondersteuning tot 25 km/uur. Het is dus geen motorvoertuig, zoals een speed pedelec wel is. Als bestuurder van een fatbike is het afsluiten van een verzekering niet verplicht (maar wel gewenst!). Dit betekent niet dat de bestuurder van een fatbike niet aansprakelijk kan zijn of geen schadevergoeding zou moeten betalen bij een verkeersongeval. Stel, Dax fietst op een fatbike door rood en rijdt een voetganger aan die geen verkeersfout maakt. Dan is Dax aansprakelijk voor de schade die deze voetganger lijdt. De verzekeraar kan schade vergoeden, maar Dax zal dit zonder verzekering zelf moeten betalen (of bij jonge leeftijd staan zijn ouders hiervoor garant). Als de voetganger of fietser (ook) zelf een verkeersfout heeft gemaakt, kan Dax nog steeds aansprakelijk zijn en zal hij mogelijk een deel van de schade moeten vergoeden. Stel dat Dax degene is die hersenletsel oploopt doordat hij op zijn fatbike wordt aangereden door een motorvoertuig zoals een auto. De auto is wél verplicht WAM-verzekerd en ook aansprakelijk. Als er geen sprake is van overmacht, zal de gemotoriseerde in ieder geval 50% van de schade moeten vergoeden aan Dax. Als Dax jonger dan 14 is, is dat zelfs 100%. De schade moet dus ook (deels) vergoed worden als Dax zelf een verkeersfout heeft gemaakt, omdat Dax